DE 3 SCHERMWAPENS

FLORET - DEGEN - SABEL

Het moderne schermen kent drie wapens: de floret, degen en sabel. Elk wapen heeft zijn eigen regels, techniek, strategie en tactiek. Het floret en de sabel zijn conventiewapens, de degen niet. 

Wat zijn conventiewapens ? 

Deze term verwijst naar een regel om te beslissen over gelijktijdige treffers. Floret en sabel gebruiken de voorrangsregel of recht van aanval: wanneer twee schermers op hetzelfde moment een treffer plaatsen, dan wordt het punt toegekend aan diegene die het eerst de actie inzet of aan diegene die rechtmatig voorrang heeft verworven.

Als de scheidsrechter niet kan bepalen wie voorrang heeft, wordt er geen punt toegekend.

Op degen wordt bij een gelijktijdige treffer een punt toegekend aan beide schermers.

Elektrisch of mechanisch schermen

De niet-elektrische of mechanische wapens zie je eigenlijk nauwelijks meer, tenzij als oefenwapen. 

Het schermen gebeurt, zeker op competitie, uitsluitend elektrisch. Elk schermwapen is via een ‘fil de corps’ – onder het schermpak – verbonden aan een ‘enrouleur’. Deze meebewegende draad zit vast aan aanwijsapparatuur met lampen, die oplichten bij een score.

Bij het elektrisch schermen wordt dit bereikt door middel van een “drukknop” (bouton) op de punt van het wapen die slechts met een dergelijke druk ingedrukt kan worden. Een treffer vindt plaats als steek op de geldige raakvlakken en dient een bepaalde druk te hebben. De druk varieert van wapen tot wapen. Bij floret moet dit minimum 500 gr zijn en bij degen minstens 750 gram. Natuurlijk is er nog een scheidsrechter nodig om de acties verder te beoordelen.

Bron: https://magazines.defensie.nl

Met 3 verschillende wapens kom je op steeds andere manier tot scoren:

Floret

De floret deed oorspronkelijk als trainingswapen dienst en is een licht steekwapen. Dit betekent dat er met de floret alléén gescoord kan worden door te steken. Omdat er vroeger tijdens de trainingen met de degen en de sabel te veel mensen gewond en gedood zijn, werd het floret uitgevonden. Nu is floretschermen een Olympische sport voor zowel vrouwen als mannen. Geldige treffers kunnen enkel toegebracht worden met de punt. Daarnaast heeft de floret een beperkt trefvlak waar daadwerkelijk punten gescoord kunnen worden; de romp (uitgezonderd armen), de rug en sinds kort ook de keellap of bavette. Elk ander oppervlak is ongeldig

Vanwege het recht van aanval en het beperkte trefvlak zijn zowel in de aanval als verdediging bij floret veel bruikbare technieken en tactieken. Daarom is de floret een dynamisch en tactisch gebalanceerd wapen.

Het maximale gewicht van het wapen is 500 gram en de lengte gaat van 90 cm tot maximum 110 cm. Het floret heeft een handgreep, een afgeplatte schelp met een diameter van 9,5-12 cm en een flexibel rechthoekig lemmer met bovenaan een punt. Het moderne sportschermen gebeurt elektrisch. Het  is noodzakelijk om de tegenstander aan te raken met de punt van het wapen met een kracht van ten minste 4,9 newton (500 gram).

Het floret is het wapen dat het meest onderhevig is aan conventies: om het punt toe te wijzen, moet de schermer bijvoorbeeld "prioriteit" hebben, hetzij omdat hij het initiatief van de aanval heeft, hetzij omdat hij initiatief van zijn tegenstander heeft overgenomen voor hij zijn riposte lanceert. De complexiteit van de conventies maakt de arbitrage van floret-aanvallen ingewikkelder dan die van degen, maar maakt deze discipline ook leerzamer, sneller en interessanter om naar te kijken.

Degen

De degen lijkt het meeste op het klassieke duelwapen. Het is een lang, recht steekwapen, met een lemmer die driehoekig is in doorsnede. Het wapen mag maximaal 770 gram wegen en heeft een maximale lengte van 110 centimeter. Treffers kunnen enkel toegebracht worden met de punt. Het trefvlak beslaat het hele lichaam en wordt dan ook als enige van drie wapens elektrisch zonder overvest verschermd. Bij degenschermen geldt geen recht van aanval.

Sabel

De sabel is een slag- en steekwapen. Het wapen mag maximaal 500 gram wegen en heeft een maximale lengte van 105 cm. Treffers kunnen toegebracht worden met de punt, de snijkant, tegensnijkant en de platte kanten van het wapen. Het trefvlak bestaat uit romp, hoofd en armen, maar niet de handen.